Artikel gepubliceerd in “Bij de Les”

Coachen met een visie in het praktijkonderwijs
Hoe De Kompasvisie leerlingen in het praktijkonderwijs coacht naar groei

door Renske Gerritse
 

 

 

 

Coach en mentor Renske Gerritse pleit er voor om de ambitie van de praktijkonderwijsleerling centraal te stellen in plaats van je te richten op ongewenst gedrag. Wat levert dat de leerling op?

In het praktijkonderwijs voeren wij regelmatig mentor- of coachgesprekken met een leerling. In een coachgesprek nemen we ons vaak voor uit te gaan van wat er goed gaat. We richten ons op de kwaliteiten van een leerling. Helaas betrappen we onszelf er regelmatig op dat we toch weer focussen op dat ongewenste gedrag. Gedrag waarvan wij als docenten hinder ondervinden. Terwijl het veel mooier is om samen met de leerling op onderzoek uit te gaan. Op zoek naar de ambitie van de leerling: ‘Hoe wil ik zijn?’ Nieuwsgierig naar ‘Wat is voor mij echt belangrijk, wat maakt dat ik ’s morgens graag mijn bed uit kom? Wat zijn mijn kwaliteiten?’ Een zelfonderzoek doen dat moet bijdragen aan het leiden van een zinvol en authentiek leven.

Een voorbeeld van een regulier coachgesprek op een school voor praktijkonderwijs. Brahim is een praktijkschoolleerling van 13 jaar met een hersenbeschadiging. Hierdoor is hij onder andere minder goed in staat emoties te herkennen. Tijdens het coachgesprek met zijn mentor weet Brahim geen gespreksonderwerp te noemen. Zijn mentor doet een voorstel. Tijdens het laatste coachgesprek zei Brahim dat hij minder snel en minder vaak boos wil worden. Het voorstel is om samen te onderzoeken hoe het met zijn boosheid gaat en op welke manier het boos worden kan verminderen. Tijdens het gesprek legt de mentor twee vellen op tafel: een groene en een rode. Samen bespreken ze momenten en handelingen die Brahim een positief gevoel geven en zodoende horen bij groen.

Er blijkt een onderwerp te zijn dat absoluut een ‘rood’ gevoel oplevert: zijn groepspresentatie die hij later die dag moet geven. Met name de voorbereiding levert het rode gevoel op. Samen met de leerling gaat de mentor op zoek naar de waarden die voor Brahim van belang zijn. Welke voor hem belangrijke dingen zijn er in het gedrang gekomen, die zo aanleiding gaven voor zijn boosheid? Ze ontdekken dat hij niet mocht meepraten en -denken tijdens de voorbereiding van de presentatie. Hij voelde zich buitengesloten en miskend. Hij benoemt de waarde die voor hem van belang is: erbij horen. Als anderen geen recht doen aan deze waarde, wordt hij boos. Het is een eyeopener voor hem en hij besluit hiermee aan de slag te gaan. Hij formuleert een leerdoel voor zichzelf: ik ga meepraten en -beslissen in een groepsopdracht. En als ik het gevoel krijg dat ik niet mee mag doen, dan zeg ik dat. Ook spreken ze samen af dat ze drie keer per week, op de dagen dat de mentor op school is, de dag evalueren met behulp van de groene en rode vellen.

De Kompasvisie Deze manier van coachen is gestoeld op de Kompasvisie, van Dijkman en van Boxtel. Het biedt handvatten om vanuit waarden te kijken naar nieuw gedrag. ’Waarom zou ik het eigenlijk anders willen en hoe zou ik dat kunnen doen?’ Vanuit diezelfde Kompasvisie kun je als coach ook nog een verdiepingsslag maken door met de leerling te kijken naar zijn ambitie. ’Hoe wil ik niet alleen anders doen, maar hoe wil ik vooral ook graag zijn en waarom wil ik zo zijn? Wat heb ik in huis om mijn ambitie te leven? Over welke talenten beschik ik? Welke belemmerende gedachten, gevoelens en overtuigingen hinderen of blokkeren mijn ontwikkeling richting mijn toekomstbeeld?’

Als de mentor niet alleen op ‘doing’ coachte, zoals in het voorbeeld, maar ook op ‘being’, dan onderzocht hij tijdens het gesprek het (misschien tot dan toe nog onbewuste) verlangen van de leerling: ‘Hoe wil ik zijn? Hoe ben ik als ik minder vaak boos en minder hevig boos ben? Hoe zou ik me dan voelen? Wat vind ik dan van mezelf? En hoe zullen anderen mij dan zien?’ Door het gesprek meer op het niveau van gevoel en beleving van de leerling te richten (‘being’), kun je samen op onderzoek gaan naar drijfveren. Hiermee maak je de leerling eigenaar van zijn eigen ontwikkeling.

Praktijkonderwijsleerlingen Het boek Goud, waar de Kompasvisie in beschreven is, laat veel casuïstiek uit het bedrijfsleven zien. Maar er staan ook voorbeelden uit het praktijkonderwijs in. Ook de leerlingen in het praktijkonderwijs zijn te coachen op hun ambitie en waarden, het erbij willen horen, zoals de leerling in het bovenstaande voorbeeld. Hierdoor krijgt hij of zij steeds meer regie in de eigen ontwikkeling. Dat kan door:

  • de jongere bewust te laten stil staan bij wat belangrijk is voor hem of haar (waarden) en de ambitie: Hoe wil ik zijn?
  • de leerling te laten kijken naar de kwaliteiten die hij of zij al bezit.
  • de jongere (bijna) fysiek te laten ervaren hoe hij of zij zich zal voelen als de ambitie wordt geleefd.
  • de jongere in staat te stellen te denken in mogelijkheden, in plaats van belemmeringen.

Niks menselijks is een praktijkonderwijsleerling vreemd. Net als docenten, zullen ook zij geneigd zijn te focussen op zaken die niet goed gaan, in plaats van te kijken naar wat er al wel goed gaat. Dit is een gevolg van het gegeven dat zij meestal al jaren te horen hebben gekregen dat ze het toch niet konden, of niet goed genoeg waren om mee te kunnen komen.
Daarnaast is het bespreken van gevoelens en emoties voor de meerderheid van deze leerlingen doorgaans geen vaardigheid die soepel door hen wordt beheerst. De meesten zullen zich bevinden in een vast gedachtenpatroon en zijn sterk geneigd vast te houden aan de veiligheid van het bekende, een ‘fixed mindset’. Zo gaan po-leerlingen vaak al in de verdediging door te zeggen: ‘Ik ben daar toch niet goed in’ of ’Ik ben nou eenmaal zo’. Door met de leerling te onderzoeken wat zijn of haar ambitie is, komt de leerling in beweging, gaat zich ontwikkelen en komt daarmee in een gedachtenpatroon waar groei mogelijk is, een ‘growth mindset’.

Uitdaging Voor ons als mentoren en coaches in het praktijkonderwijs ligt hier een grote uitdaging. Wees nieuwsgierig! Stel de ambitie van de leerling centraal. Onderzoek samen het verlangen van de leerling: ‘Hoe wil ik zijn? Hoe zie ik mezelf in de toekomst? Welke waarden zijn belangrijk voor mij?’ Laat hem of haar (fysiek) ervaren hoe het voelt om deze ambitie te leven. Laat de leerling de kwaliteiten ontdekken die hij of zij al in huis heeft. Stap over van het ‘doing’ naar het ‘being’. En breng de jongere in een mindset waar groei mogelijk is. Breng de leerling in beweging en geef hem of haar het stuur van de ontwikkeling in eigen handen.

Renske Gerritse is coach en mentor op De Baander Amersfoort

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *